Opéra National de Paris, ‘Die Zauberflöte’

Van fabel naar parabel

Dag en nacht, licht en duister, goed en kwaad: het libretto van Mozarts vaakst uitgevoerde opera drijft op tegenstellingen. In de recente enscenering van Romeo Castellucci, enkele maanden geleden nog in De Munt te zien, werd die tweeledigheid echter ontmaskerd als onhoudbaar. Even onleefbaar als het schaduwrijk van de Koningin van de Nacht bleken immers de paleizen van schone schijn waar Sarastro hof hield. Zoals zo vaak situeerde de waarheid van de interpretatie zich dus in het midden: op een kruispunt waar extremen elkaar ontmoeten, om een universeel menselijke kwetsbaarheid zichtbaar te maken.

Castellucci is niet de eerste die de fundering van de opera in vraag stelt. Ook Robert Carsen, die twee decennia na een gelauwerde productie in Aix anno 2014 een nieuwe enscenering mocht uitdokteren voor de Opéra National de Paris, gaat verder dan de exclusieve toekenning van de uitersten van het ethische spectrum aan Sarastro en de Koningin van de Nacht. In zijn lezing moet Pamina namelijk net als Tamino een vooropgezette inwijdingsrite ondergaan, ter ontplooiing van haar maturiteit. Diegenen die normaliter voor elkaars tegenpolen doorgaan, spelen dus onder één hoedje. Zelfs Monostatos, die als notoire slechterik dienst doet, wordt aan het slot ingelijfd in het positieve verhaal over morele volwassenwording.

Dan rijst de vraag welk kwaad er precies wordt overwonnen. Wordt in het libretto in de finale immers geen gewag gemaakt van een boosaardige kracht die het onderspit delft? In Carsens lezing is het slechte een intern werkzaam gegeven, geen pool die via één karakter zichtbaar wordt. Deze hertekening van de moraal, van ostentatief naar sluimerend aanwezig, doet het narratief goed, want bovenop de fabelachtige dimensie komt een psychologische laag te liggen die complexer en bijgevolg waarachtiger aandoet.

Scenische accenten bereiden het publiek onderweg voor op het loopje dat Carsen neemt met de interpretatieve traditie. Een drievoudig gespiegelde scène toont eerst nog hoe de werelden ‘realiteit’ (Tamino), ‘duister’ (Koningin van de Nacht) en ‘verlichting’ (Sarastro) van elkaar gescheiden zijn. Gaandeweg wordt die afbakening troebel, want de volgelingen van de Nachtkoning zijn in dezelfde gewaden gehuld als die van Sarastro. Als dat geen voorbode is van doorgestoken kaart …

Het wonderlijke aan Carsen als regisseur is dat iedereen zijn discours kan volgen, en wel omdat hij als verteller excelleert. Humoristische franjes geworteld in de populaire cultuur maken bijvoorbeeld dat ook een lekenpubliek zich door de regie aangesproken zal voelen. Precies deze nadrukkelijk nagestreefde laagdrempeligheid, die ook een voor de hand liggend referaat naar het cyclische aspect van de vier seizoenen omvat, heeft tot gevolg dat minstens een deel van het publiek zich intellectueel en stilistisch onderschat zal vinden, maar zij kunnen zich met extra toewijding tot de partituur verhouden.

De Hongaarse dirigent Henrik Nánási, chef bij de Komische Oper Berlin, nodigt het orkest gelukkig uit tot een vinnige lezing. Zijn effectenrijkdom vlakt de delicate texturen hier en daar uit, maar al bij al blijft er genoeg wonderlijks te genieten. Qua cast bracht de Parijse opera voor deze herneming overigens een degelijk ensemble bij elkaar zonder grote uitschieters. Vannina Santoni (Pamina) en Jodie Devos (Koningin van de Nacht) krijgen hun partijen zelfs niet zonder verpinken gezongen. Niettemin verdient deze Toverfluit aanbeveling, want zelden worden jong en oud evenals leek en kenner zo veelzijdig bediend.

Details Podium
Van fabel naar parabel
Muzikale leiding: Henrik Nánási
Regie: Robert Carsen
Decor: Michael Levine
Kostuums: Petra Reinhardt
Belichting: Robert Carsen, Peter Van Praet
Video: Martin Eidenberger
Dramaturgie: Ian Burton
Koorleider: José Luis Basso
Cast: Julien Behr, Chiara Skerath, Julie Robard‑Gendre, Élodie Méchain, Florian Sempey, Chloé Briot, Nicolas Testé, Mathias Vidal, Vannina Santoni, Jodie Devos, Martin Gantner, Tomislav Lavoie, Vincent Delhoume, Martin Homrich, Luke Stoker
Copyright foto's: Svetlana Loboff
Knapen: Solisten van de Aurelius Sängerknaben
Orkest & koor: Orchestre et Chœurs de l'Opéra national de Paris
Productie: Opéra national de Paris
Co-productie: Festspielhaus, Baden-Baden
Location:
Opéra Bastille
Datum opvoering:
2019-05-30 00:00:00