Pascal Dusapin, ‘Quatuor VI (Hinterland) & Quator VII (OpenTime)’

Ergens in een tussenland

Wanneer kan een hedendaags componist zichzelf als ‘geslaagd’ erkennen? En welke objectieve parameters zijn er om zich als buitenstaander uit te spreken over de notie ‘geslaagd of (nog) niet’? Enkele suggesties: operahuizen en orkesten besteden opdrachten uit, het repertoire wordt opgenomen op cd en/of via de radio verspreid, de naam is er een die vlot over de tongen gaat. Als dat de criteria zijn, dan kan er weinig twijfel over bestaan: Pascal Dusapin behoort tot de kleine kliek van componisten met een aantrekkelijk verhaal.

Toch loopt een aanzienlijk deel van het publiek niet warm voor zijn stijl, die de klassieke traditie met een ongewoon instrumentarium en vooral unheimliche klankkleuren op zijn kop zet. Natuurlijk moet het reeds bestaande door nieuwe figuren niet bevestigd worden, maar draagt Dusapin het verleden eigenlijk wel verder uit, of is hij een futurist verdwaald in de tijd? Dat laatste is alleszins niet waar. Hoewel zijn stukken dikwijls radicaal ‘anders’ proberen zijn, gaat hij ook uitdrukkelijk aan de slag met historisch gewortelde vormprincipes en bezettingen. Het strijkkwartet bijvoorbeeld, een genre waarbinnen hij inmiddels zeven opusnummers heeft gerealiseerd.

Ook dit genre keert hij evenwel binnenstebuiten. Zijn zesde kwartet ‘Hinterland’ is bijvoorbeeld geschreven voor orkest en kwartet. Wie die twintig minuten durende uitputtingsslag stereotiep zou noemen, mag het komen uitleggen. Het woord ‘uitputtingsslag’ is hier overigens niet willekeurig gekozen. Dusapin heeft zijn werk effectief opgevat als een vierledige ‘tentative d’épuisement’. Dit niet alleen fysiek, maar vooral abstract, als ‘uitputting van mogelijkheden’. Hij onderzoekt hoe hij het beperkte materiaal waaruit de klankwereld van zijn kwartet gestalte krijgt, maximaal kan benutten.

Hoewel eng qua opzet genereert Dusapin verbreding dankzij de kleuren in alle instrumentengroepen. Hij speelt die niet concertant tegen elkaar uit, maar streeft integendeel naar verbinding. Hoe extreem sommige keuzes ook zijn, de daad van de creatie op zich is fascinerend. Dat kan evenwel niet gezegd worden van het zevende kwartet, dat als ondertitel ‘OpenTime’ mee kreeg. In de 21-delige variatiereeks tracht de componist opnieuw mogelijkheden ultiem uit te putten. De weelde is echter kleiner, omdat het discours gekunsteld aandoet en de inhoudelijke variëteit te wensen over laat.

Het Arditti Quartet mag dan technisch onberispelijk vertolken, de luisteraar blijft met een honger achter. Geen honger naar intellect, wel naar echtheid.

Details Album
Ergens in een tussenland
Strijkkwartet: Arditti Quartet
Orkest: Orchestre Philharmonique de Radio France
Dirigent: Pascal Rophé
Label: Aeon
Distributie: Outhere
Jaar:
2017