Beethoven-Zyklus, dag 5

Verbondenheid gebroed uit klank

Daar zitten ze dan: honderden muziekliefhebbers, verbonden door de tragische wetenschap dat ze toe zijn aan de laatste dag van wat tot nog toe een fenomenale Beethoven-cyclus was, met symfonieën zes en zeven als absolute hoogtepunten. Aan de beroemde negende hangt echter de verwachting van de kers op de taart. Ze is en blijft nu eenmaal de bekroning van Beethovens wonderlijke pakket van negen, kortom zijn testament voor wat het specifieke genre betreft. Zeg nu zelf: daar moet een dirigent toch iets uitzonderlijk mee kunnen aanvangen, of niet soms?

Welnu, zo eenvoudig ligt dat eigenlijk niet. De negende neemt immers een wat omstreden plaats in binnen Beethovens latere werken, die overwegend vernieuwender waren dan dit opus 125. Toch mag de complexiteit van Beethovens laatste en langste niet onderschat worden. Fugatische omstrengelingen, harmonische waaghalzerij (het begin van het slotdeel bijvoorbeeld!) en polyfone roekeloosheid: allemaal gebeurt het voor de ogen en oren van de luisteraar, die zich door het rimpelloze oppervlak van de 'Ode an die Freude' misschien wat te gemakkelijk laat misleiden.

Deze tot Europees volkslied verworden melodie heeft in Berlijn overigens een bijzondere betekenis, gezien wijlen Leonard Bernstein kort na de val van de muur een uitvoering dirigeerde, waarmee de gedachte van verbroedering (en vrijheid) ook in de praktijk werd gebracht. Inmiddels is het voor dirigenten vooral kwestie van deze muzikale orgie niet hopeloos pompeus te laten klinken. Geen evident streven: ga maar eens na hoe weinig opnames daar daadwerkelijk in slagen. Sir Simon Rattle behoedde het publiek gelukkig voor ook maar de minste schijn van bombast.

Doorheen de hele symfonie en ook aan het slot, balanceerde de dirigent tussen mystiek, melancholie en monumentaliteit, waarbij hij zijn vermogen om de ene entiteit discreet in een andere te transformeren, nog maar eens demonstreerde. De openingsmaten kregen bovendien een adembenemend, quasi spiritueel karakter aangemeten. De manier waarop Rattle uiteindelijk het door en door gekende thema in de finale introduceerde, deed creatief en dramaturgisch hoogst efficiënt aan

Ook doorheen de vijfde en laatste avond van hun Beethoven-Zyklus, toonde de Berliner Philharmoniker zich overigens een geëngageerd orkest, dat de kiemen van deze muziek bovendien door en door kent. Hoezeer Rattles tegenover elkaar plaatsen van schijnbaar extreme vreugde en nobele weemoed ook moge zijn, het is een aanpak die geworteld is in de traditie en zeker niet van nieuwlichterij getuigt. In die zin had ook deze avond alles om de kers op de taart te worden, wat het echter niet werd.

Dat lag voor een stuk aan de solisten, wier kwartet aan het slot niet perfect in balans was. Dimitry Ivashchenko zette in op kracht en heldere dictie, Christian Elsner meer op noblesse. De dames stelden daar helaas een wat minder overtuigende partij tegenover, hoewel niet van dien aard dat het een smet wierp op de uitvoering. Het koor kreeg overigens veel bijval, en dat geheel terecht. Met doortastende pathetiek gekoppeld aan grote helderheid, had hun aandeel amper beter gekund.

Toch boterde de uitvoering als geheel niet helemaal. De zo vanzelfsprekende organiciteit van de voorbije dagen leek wat zoek, ook binnen de gelederen van het orkest, waar hoorns en houten minder performant schenen dan de dagen voordien. Dat zegt vooral op welk festijn de melomaan de voorbije vier dagen vergast werd. Ja, als een week zou kunnen ingekaderd worden, dan kwam deze zeker in aanmerking.

Details Concerten
Verbondenheid gebroed uit klank
Concert datum:
10/10/2015
Orkest: Berliner Philharmoniker
Dirigent: Sir Simon Rattle
Solisten: Annette Dasch, Eva Vogel, Christian Elsner, Dimitry Ivashchenko
Koor: Rundfunkchor Berlin
Koorleiding: Simon Halsey
Copyright foto: Monika Rittershaus
Locatie: Berliner Philharmonie