‘Chinatown’ is een uitstalraam voor een Jack Nicholson in topvorm en mag pronken met de beeldmooie Faye Dunaway in de fleur van haar leven. Het is ook een film noir die baadt in de zon en staat met stip genoteerd in allerlei lijstjes met de beste films ooit. Geen wonder, want twee topacteurs schitteren in een meeslepend verhaal dat de conventies van het genre volgt en toch ook weer niet. ‘Chinatown’ schrijft nu eenmaal zelf een aantal regels van de film noir.
Nicholson geeft gestalte aan J.J. ‘Jake’ Gittes, ex-politieman en nu het beleg op zijn boterham verdienend als privédetective. Op een dag zit Evelyn Mulwray aan zijn bureau. Ze vraagt Jake om haar man Hollis te schaduwen. Van het een komt het ander en plots bevindt de wat arrogante Gittes zich in het oog van een mediastorm. Zijn foto van een jongedame en Hollis Mulwray, de grote man van de watermaatschappij in Los Angeles, siert de voorpagina’s van de kranten. Niet echt low profile voor een privédetective. Bovendien merkt hij dat hij in het ootje genomen werd eenmaal de echte Evelyn Mulwray (Faye Dunaway) voor zijn neus – die trouwens een opgemerkte bijrol speelt – staat. Alsof die blunder nog niet beschamend genoeg is, vindt de politie Hollis niet veel later morsdood terug in een verlaten waterafvoerkanaal. Stront aan de knikker dus, die Nicholson laag voor laag probeert te verwijderen.
Eigenlijk gebeurt er bitter weinig in ‘Chinatown’. Je ziet Gittes wat rondlummelen terwijl hij het mysterie ontrafelt, lukraak zijn gehavende neus achterna wandelend, zo lijkt het wel. Interessanter is hoe Nicholson dat gezapige tempo invult. Je ziet hoe hij betweterig zijn oud-collega’s bij de politie jent en informatie achterwege laat als het hem goed uitkomt. Maar de vonken spatten pas helemaal van het scherm als Nicholson en Dunaway het samen vullen. De spanning die tussen hen hangt voel je trefzeker je eigen poriën binnendringen. Je vraagt je voordurend af wat er zal gebeuren: belanden ze zo meteen samen in bed, of snijden ze elkaar finaal de keel over?
Als wij de woorden film noir horen, dan denken wij aan zwart-witfilms die meer rook produceren dan een bosbrand. En hoewel ook hier serieus wat afgepaft wordt, staat deze film mijlenver van dit cliché vandaan. De zonnige, kleurrijke taferelen vormen een tegengewicht voor de gebeurtenissen die als lood met obesitas op je gemoed wegen. ‘Chinatown’ is dan ook geen film die je zomaar eventjes bekijkt, tussen ‘Home and away’ en een romantische komedie in. Als de aftiteling voorbijschuift, kleeft deze prent aan je kleren als de geur van sigaretten. We schatten dat je ze minstens twee keer zal moeten wassen voor de stank verdwenen is.
‘Chinatown’ is niet alleen een klassieker omdat deze film oud is. Het is een meesterwerk dat nog steeds even diep in je ziel kerft. Wie houdt van traag speurwerk, ‘L.A. Noire’, Jack Nicholson, longen gevuld met teer, deukhoeden, woestijnlandschappen of fraude en niet meteen een explosie nodig heeft om een film geslaagd te noemen, moet deze film minstens een keer in zijn leven zien. En al de rest eigenlijk ook.






Reageer