Thomas Blondeau, Donderhart

Donderende onrust

Paul Baeten Gronda wist het al: niets zo vervelend voor een bejubelde debutant als een lezerspubliek dat, godbetert, een twééde boek verwacht. Niets zo gemakkelijk voor een snurkende recensent als het afbreken van een als debutant bejubelde schrijver. Het zal deze keer niet gemakkelijk worden met de tweede van Thomas Blondeau.

Max Gosset is 31, woont vredig samen met zijn vriendin en is journalist bij het kwaliteitsweekblad ‘Criterium’. Op 6 juli 2005 interviewt hij in Londen de thrillerauteur Andrew Halbstam. De dag erna, 7/7, wordt de stad getroffen door terroristische aanslagen. Max, in de running voor het adjunct-redacteurschap van zijn tijdschrift, ligt te slapen in een hotel in hartje Londen. In plaats van de juiste man op de juiste plaats is hij de journalist in dromenland. Na die teleurstelling holt hij achter de feiten aan om alsnog een extra editie van ‘Criterium’ ineen te flansen.

En dan is er ook nog de ontmoeting met Eva Witkin: vier jaar lang Max’ vriendin, nu een succesvolle zangeres. Hoewel Blondeau opmerkt dat overeenkomsten tussen fictieve en bestaande personages op toeval berusten, zijn de gelijkenissen tussen Eva en voormalig Hooverphonic-zangeres Geike Arnaert, met wie Blondeau ooit een relatie had, frappant. Terwijl het stof van de aanslagen neerdaalt, wordt Max verscheurd tussen journalistieke ambitie en nood aan rust, tussen opgeflakkerd verlangen naar Eva en de stabiliteit van zijn leven met Véronique. ‘Ieder detail, iedere miezerige anekdote leek nu de kracht te bezitten zijn leven een totaal andere wending te geven.’

‘Can you hear me / Hear me screaming / Breaking in the muted sky / This thunder heart’. Wanneer Foo Fighter Dave Grohl deze lyrics haast onverstaanbaar door de boxen van een autoradio tiert, wordt het snel duidelijk waar Thomas Blondeau zijn titel vandaan haalde. (‘Wat heeft dat nu te maken met hoe mensen, echte mensen van elkaar...’ - ‘Niks, Max. Dat heeft er niets mee te maken. Anders zouden we er niet naar luisteren.’)

Zijn eigen schreeuwerigheid, waarvan vooral kortverhalen van voor zijn debuutroman getuigen, is Blondeau gelukkig grotendeels kwijt. In verwarrende tijden van postmodernisme en 3D-films zou een mens bijna vergeten dat verbeeldingskracht en vertelkunst wel degelijk voor goede literatuur kunnen zorgen. Blondeau schreef ‘Donderhart’ met evenveel fantasie als zijn debuut ‘eX’, maar was deze keer minder ongebreideld. ‘Donderhart’ gaat over roem, journalistiek en – vooral – onrust, vertrouwde thema’s uit ‘eX’ die met succes opnieuw worden opgepikt. Blondeaus stijl is gekanaliseerd, maar niet gekortwiekt.

Enige minpunt: zijn neiging tot fragmentarisme, die in zijn debuut ronduit storend was, is gebleven en zorgt af en toe voor horten en stoten. Gevraagd naar wat hij het meest verafschuwt, antwoordde Blondeau ooit: ‘Meningen. Opinies die het product zijn van de waan van het moment, een slordig onderhouden moraliteit en de kwaliteit van het net geconsumeerde kopje koffie.’ ‘Donderhart’ getuigt van eenzelfde smalende anarchie: vol schijnbaar pretentieuze zelfspot, soms grotesk en gekunsteld, maar daarom niet minder genietbaar, niet minder echt. Ondanks ons gedeelde wantrouwen voor al te enthousiaste meningen, mag het eindelijk eens gezegd: Thomas Blondeau is het meest verfrissende wat de Vlaamse literatuur de laatste tijd heeft opgeleverd.

Details Fictie
Auteur: Thomas Blondeau
Copyright afbeeldingen: De Bezige Bij
Uitgever: De Bezige Bij
Jaar:
2010
Aantal pagina's:
313