Sarah Bakewell, 'De existentialisten'

Een filosofie die ertoe doet

Toen Raymond Aron in 1938 zijn thesis 'Introductie tot de filosofie van de geschiedenis' verdedigde, was dat niet onomstreden. In Frankrijk was filosofie voornamelijk gestoeld op de logica van Descartes en Kant, niet op 'intuïtieve' denkers als Nietzsche of Schopenhauer waaruit Aron rijkelijk putte. Aron opende de deur voor een minder steriele omgang met filosofie. In datzelfde jaar schreef Sartre in de havenstad Le Havre zijn roman La nausée. De voorzet voor het existentialisme was gegeven, wat dertig jaar later zou culmineren in de kreet 'L'imagination au pouvoir'. En een paar rondvliegende kasseien in Parijse straten ... 

Ondertussen wordt existentialisme meestal geassocieerd met rolkragen, het Café de Flore en 'L'étranger' van Albert Camus. Sarah Bakewell schreef een geschiedenis waarin ze zowel grondleggers (Husserl, Heidegger), usual suspects (Sartre, Camus, de Beauvoir) en vergeten fenomenen (Colin Wilson) belicht.

Hun denkwijzen worden helder uit de doeken gedaan en worden geplaatst in de context waarin ze tot stand kwamen. Mythische figuren worden teruggebracht tot menselijke proporties. Heidegger die continu sakkert op de moderne tijd in zijn boomhut te Todtnauberg, Sartre die in een niet te beteugelen schrijfdrift oeverloze scripts aflevert aan regisseur John Huston, Simone de Beauvoir die haar magnum opus 'De tweede sekse' gedegradeerd ziet worden tot soft porno onder invloed van de Amerikaanse uitgever, ...

Maar dit werk is geen epitaaf op het graf van het existentialisme. In een periode waarin gedrag gereduceerd wordt tot hersenprocessen wordt iedere vraag omtrent vrijheid irrelevant. Hoe kunnen we immers verantwoordelijk zijn voor de activiteiten van onze neuronen? Bakewell keert terug naar het fenomenologische denken van grondlegger Edmund Husserl: theoretische kaders en opdringende emotionele associaties opzij zetten, dingen intuïtief beschrijven. Wie nauwkeurig beschrijft wat hij of zij ervaart, krijgt greep op de gebeurtenissen.

In tegenstelling tot werken van iemand als Alain de Botton, bevat dit boek geen instructies om tot een "beter" leven te komen, maar biedt het een zeldzame en toegankelijke inkijk op de mentale gereedschapskisten van interessante denkers.  'De gang van onwetendheid naar zekerheid is nooit definitief, want de draad van het onderzoek voert ons altijd weer terug naar de onwetendheid', een uitspraak van Merleau-Ponty die hier te lezen valt. Een argument waarom filosofie de moeite waard is, ook al brengt ze ons steeds terug bij het begin (of misschien wel juist daarom).

Details Non-fictie
Uitgeverij: ten have
Jaar:
2016
Aantal pagina's:
463