Philip Teir, 'Familie'

Oerdegelijke debuutroman

Kwestie van hoge verwachtingen te scheppen, wordt Philip Teir al op de cover van zijn ‘Familie’ omschreven als 'het Europese antwoord op Jonathan Franzen'. Het was dan ook met grote nieuwsgierigheid - en toegegeven, misschien een beetje een bang hart - dat we aan de debuutroman van de Finse Philip Teir begonnen. Never judge a book by it’s cover was in dit geval dus nogal letterlijk te nemen, al bleek onze vrees al snel ongegrond. Philip Teir de Europese tegenhanger van Jonathan Franzen, schrijver van meerdere kleppers over families die al dan niet op barsten staan? Daar is geen woord van gelogen.

We lezen het verhaal van de familie Paul, die een schijnbaar goed leventje leiden in het hedendaagse Helsinki. Maar schijn bedriegt, zo blijkt al snel. Max Paul, de vader des huizes, was in de jaren negentig dan wel een bekend en gerespecteerd socioloog, sindsdien is het wachten op wat een eeuwige belofte dreigt te worden: zijn biografie over de Finse socioloog Edvard Westermarck. Zijn vrouw Katriina doet er alles aan om de schijn hoog te houden: ze organiseert met veel overgave feestjes in hun mooie appartement, al stapelen ook langs haar kant de ergernissen zich op.

Eva en Helen, de volwassen dochters Paul, hebben elk hun eigen bekommernissen. Eva’s studie aan de kunstacademie in Londen verloopt bepaald niet over rozen en Helen krijgt meer dan haar lief is te maken met de struggles binnen haar eigen gezin. De vier familieleden lijken er echter alles aan te willen doen hun zorgen voor zichzelf te houden, en eerder dan ze met hun familie te delen, wordt de pot met verwijten bovengehaald.

Teir slaagt er wonderwel in de barsten in een naar verluidt 'typische' hedendaagse familie te omschrijven, zonder dat het boek al te gewichtig of nodeloos zwaar wordt. Daar zit Teirs schrijfstijl voor iets tussen, die niet alleen de meest ongemakkelijke situaties op een treffende manier op papier weet te zetten, maar die er bovendien ook voor zorgt dat ‘Familie’ leest als een trein. De schijnbare vanzelfsprekendheid van die vlotte pen draagt ook bij aan de sfeer in het boek. Het alledaagse leven wordt door de personages maar al te vaak als vanzelfsprekend genomen, met de nodige frustraties tot gevolg.

Je kan je als lezer dan ook heel erg inleven in die frustraties van de personages, hoe onsympathiek sommige karakters wel mogen zijn. Iedereen heeft zijn kleine kantjes, zo wordt al snel duidelijk, en Teir heeft deze kantjes van sommige personages simpelweg uitvergroot. Daardoor dreigen ze haast karikaturen van zichzelf te worden. Beantwoordt de vader des huizes in zijn (late) midlifecrisis immers niet perfect aan het stereotype bij uitstek? De man die zich existentiële vragen begint te stellen en zijn toevlucht zoekt in ofwel een nieuwe wagen, ofwel een minnares? De dreiging is er, maar Philip Teir blijft gelukkig weg van stereotyperingen allerhande en biedt een veel genuanceerder beeld.

‘Familie’ is dus voer voor liefhebbers van Jonathan Franzen en consorten, zij het dat het allemaal iets minder grotesk mag, en het einde van het boek minder overweldigend, maar misschien wel ietsje meer bij de haren getrokken. Dat neemt niet weg dat Philip Teir met ‘Familie’ een oerdegelijke debuutroman heeft afgeleverd, om zo veel redenen een plezier om te lezen.

Details Fictie
Jaar:
2015
Aantal pagina's:
384