Philip K. Dick, 'Elektrische dromen'

Short Dick

‘Onwerkelijk, als een droom’

Het witte scherm houdt van Phil Dick. De man is vermoedelijk zelfs bekender geworden dankzij verschillende succesvolle verfilmingen van zijn werk dan omwille van zijn intrinsieke kwaliteiten. Of zijn het toch zijn visionaire ideeën die blijven nazinderen?

De achterflap van 'Elektrische dromen' belooft ons de tien beste verhalen van de meester. In werkelijkheid heeft men uit meer dan 100 verhalen die 10 titels gekozen die overeenkomen met de verfilmingen van de Amazon Prime-reeks 'Electric Dreams'. De selectie is erg uiteenlopend en omvat een grote verscheidenheid aan locaties (van een landelijk dorpje tot een transportschip diep in de ruimte), aan personages (van doordeweekse spoorwegmedewerkers tot hooggeplaatste directeurs) en aan sferen. Het zijn verschillende werelden die deel uitmaken van hetzelfde universum. Ze hebben een aantal vaste ingrediënten gemeen: telkens speelt verwarring een rol, wordt de eigen identiteit in vraag gesteld en vervagen de grenzen tussen droom, verbeelding en werkelijkheid.

In het eerste verhaal, 'Museumopstelling', laat Dick een personage op geniale wijze verzeilen in een alternatieve realiteit. Schijnbaar ongemerkt stapt hij van zijn vertrouwde werkelijkheid, waarin hij aan een tentoonstelling rond de 20e eeuw werkt, een andere wereld binnen wanneer hij tot zijn ontsteltenis merkt dat zijn vrouw en kinderen hem midden in die tentoonstelling opwachten in hun eigen realiteit. Een wereld in een wereld. Zonder konijnenhol tussen beide. Maar aan welke kant van het museumlint bevindt zich de echte? Het is vintage Dick.

'De opgehangen vreemdeling' opent als een grimmige vertelling over apathie. De mens wordt erin afgebeeld als een afgestompt, gevoelloos wezen. De titel is een vuistslag. Recht voor de raap. ‘Een enkeling keek nieuwsgierig naar het donkere ding - en liep door. Niemand bleef staan.’ Nadien ontpopt het verhaal zich tot een soort 'Body Snatchers' wanneer een donkere zwerm vol buitenaardse wezens boven het stadhuis blijkt te hangen en bezit neemt van de inwoners. Het vertrouwde wordt bevreemdend. Nog griezeliger wordt dat in 'Het Vader-wezen', waarin een jongetje doodsbenauwd zijn vader uit de garage moet halen voor het avondeten. 

Philip K. Dick heeft geen tijdloze poëzie nagelaten. Hij schreef in rauwe, robuuste zinnen. Ook zijn personages zijn weinig verfijnd en nauwelijks uitgediept. Doordeweekse mannen en vrouwen met eenvoudige namen en eenvoudige karaktertrekken. Personages van karton. En vreemd genoeg zorgen die er net voor dat je als lezer nog meer de vertelling wordt ingetrokken. Alsof je zelf in de lege hulzen kruipt en het verhaal beleeft. 

In deze 'Elektrische dromen' wordt ons een zwarte spiegel voorgehouden. Dit is herkenbare en aardse sciencefiction waarin de spinsels bijna onmerkbaar de realiteit binnensluipen. De verhalen zijn minder moraliserend dan de parabels in 'Black Mirror' van Charlie Brooker, maar hun weerslag nestelt zich genadeloos in het hoofd van de lezer en blijft daar, als een droom, lang sluimeren. 

We hebben drie keer met onze hielen tegen elkaar geklikt, maar na het lezen van 'Elektrische dromen’ voelt onze eigen werkelijkheid toch net iets minder vertrouwd aan. Dat is de grote verdienste van Phil Dick.