Nupur Tron, 'Victor Horta & huis Frison Brussel'

De toekomst is de wereld van gisteren

Een paar jaar terug diepte de VRT uit haar archief een documentaire op waarin de Brusselse projectontwikkelaar Charly De Pauw aan het woord kwam.

"Het volkshuis van Victor Horta? Prachtige architectuur!"

"Waarom brak u het dan af om er een parking aan te leggen?"

"Horta is de wereld van gisteren. We moeten denken aan de toekomst."

De ironie wil dat de gebouwen die De Pauw neerplantte in Brussel ondertussen verdwenen zijn of zwaar onderhevig aan ouderdomskwalen. De toekomst werd snel irrelevant. Horta's wereld van gisteren is nog steeds aanwezig.

De Belgische architect Victor Horta (1861-1947) wordt steevast geassocieerd met art nouveau. De kunststroming heeft ervoor gezorgd dat de industriële revolutie een persoonlijk gezicht kreeg. Toen midden de negentiende eeuw Joseph Paxton Crystal Palace in Londen construeerde voor de wereldtentoonstelling, mompelde criticus John Ruskin dat Paxtons constructie een grafzerk was voor vakmanschap. Machines vormden geen vergelijk voor de eerlijke handenarbeid, redeneerde Ruskin.

Dit werk brengt een beknopte maar erg degelijke beschrijving van het huis dat Horta bouwde voor Maurice Frison tussen 1894 en 1895. Maar dit is vooral een boek waarin je moet kijken en blijven kijken. Je ziet een gebouw waarin Horta machine, natuur en mens verenigde. Horta was niet bang om de materialiteit van zijn constructies te tonen, bij momenten legt hij er zelfs de nadruk op.

We merken vooral parket, marmer, Congo-hout en brons op. Duurzame, kostbare materialen die nergens opulent ogen. Wat vooral opvalt is hoe het geheel natuurlijk oogt, alsof er geen architect aan te pas kwam.

Ruskin tastte mis met zijn theorie. Machines zijn geen belemmering voor de menselijke creativiteit, integendeel. De huizen van Horta vormen daarvan een bewijs. Ze doen een beroep op de verbeelding van de bewoners en bezoekers.

Het honderd procent functionele huis is een dood huis lijkt dit boek te zeggen.

Details Non-fictie
Uitgeverij: Sterck & De Vreese
Jaar:
2019
Aantal pagina's:
127