L.H. Wiener, 'Fallen leaves. Brieven 1966-2016'

Onverholen autobiografische brieven

De alom geprezen Nederlandse auteur L.H. Wiener - voluit Lodewijk Willem Henri Wiener (1945) - pakt nu uit met 'Fallen leaves'. Een uitgebreide selectie brieven waarop het etiket autobiografisch mag worden geplakt. De schrijver gaat geen onderwerp uit de weg, verhult niets, ontziet niemand en zegt onverbloemd waar het op staat.

In zijn door critici en kenners bejubelde roman 'Nestor' schrijft hij dat hij al op jonge leeftijd wist dat hij schrijver moest worden. 'Andere schrijvers konden tenminste bogen op een autoritaire vader die geen tegenspraak duldde en onder wiens juk de jonge schrijver lange tijd gebukt ging, totdat hij voldoende rancune had vergaard om zijn schrijverschap op te baseren.' Rancune is Wiener altijd vreemd gebleven. Hoe valt anders te verklaren dat hij op zijn zeventiende al toenadering zocht tot F. Bordewijk en later tot W.F.Hermans. Twee notoire Nederlandse schrijvers die niet bepaald makkelijk benaderbaar zijn.

Toch waagt hij het om via een brief een ontmoeting met hen te regelen. Beide brieven zijn een soort prelude van een jarenlange toewijding aan de edele kunst van het briefschrijven. Over zijn bezoek aan Bordewijk getuigt hij in een brief aan Ronald Vugs. 'Hij hield ook zijn eigen schrijverschap op afstand door te benadrukken dat hij zich beschouwde als dilettant, aangezien hij in de eerste plaats advocaat was. Ook dit geloofde ik geloofde ik niet, al durfde ik het niet te zeggen.'

Bepaald aangrijpend is een van de brieven over F.B. Hotz wiens verzameld werk hij als verjaardagscadeau wenst. Groot is zijn ontgoocheling als blijkt dat het niet langer meer verkrijgbaar is. 'Arme dode Hotz, wat jammer dat ik je nu niet meer kan schrijven dat het niet allemaal 'voor niets' is geweest, maar hopelijk had je dat zelf al eerder besloten of misschien had je juist wel genoten van het feit dat het 'allemaal voor niets' was.'

Een prominente plaats in 'Fallen leaves. Brieven 1966-2016' wordt ingenomen door heel wat aan Jeroen Brouwers gerichte brieven. Hij houdt er met hem al jaren een intieme correspondentie op na en zijn bewondering voor Brouwers is groot. 'Je bibberend handschrift baart me zorgen (...) Je bent in schrijversland aan de top gekomen, blijf daar zo lang mogelijk. Doodgaan kan altijd nog wel.'

In andere brieven slaat hij dan weer een opvallend kritische toon aan. Over Charlotte Mutsaers en critici bijvoorbeeld. 'Mevrouw Mutsaers kan echter wel heel aardig tekenen en weet ook precies aan de juiste touwtjes te trekken waar het erom gaat critici tot marionetten te maken.' Nog scherper zijn de pijlen die hij richting Mai Spijkers, de grote baas van uitgeverij Prometheus, afschiet. 'Toen je nog mijn 'editor' was loog je nooit, daar sta ik persoonlijk borg voor, want ik kijk dwars door je heen, maar toen je uitgever ging spelen werd alles ineens anders.'

'Fallen leaves. Brieven 1966-2016' is een bijzonder authentiek en opvallend eerlijk brievenboek. Brieven van een auteur, met een rijk en gevarieerd literair verleden, die het verdienen om met de grootste aandacht te worden gelezen.

Details Non-fictie
Uitgeverij: Atlas Contact
Jaar:
2018
Aantal pagina's:
560