Hans Münstermann, Ik kom je halen als het zomer is

Die andere broer

Met zijn versgeperste roman 'Ik kom je halen als het zomer is' belicht de Nederlandse schrijver Hans Münstermann opnieuw een stukje geschiedenis van de familie Klein. In 2006 sleepte hij de Ako Literatuurprijs in de wacht met zijn roman 'De bekoring' waarin hij ‘de moeder’ tot centrale figuur bombardeerde. Deze keer zoomt Münstermann in op de eigenaardige relatie tussen zijn alter ego Andreas Klein en diens oudere, lichtjes ‘andere’ broer Joachim. Het raadsel dat Joachim voor zijn broer is, vormt het startpunt van een intrigerende zoektocht doorheen de recente geschiedenis van de familie Klein.

Hans Münsterman structureerde 'Ik kom je halen als het zomer is' rond een aantal sleutelmomenten uit het leven van de broers. Samen met Andreas gaat de schijver op zoek naar een verklaring voor Joachim’s ‘anders’ zijn. Ze vatten de zoektocht aan in 2005 en gaan terug tot aan de geboorte van Joachim in 1942. Meteen van bij het begin van het boek zaait Münstermann subtiel hints over Joachim. Je weet al snel dat Joachim ‘anders’ is, maar je kan er de vinger niet opleggen.

De verschillende anekdotes die Andreas bovenhaalt, schetsen een complex beeld van een al even complexe Joachim. Wanneer hij bijvoorbeeld bij Andreas komt logeren, laat hij tijdens een wandeling zijn oog vallen op een plaasteren beeld van de Heilige Maria. Meteen wordt hij tot over zijn oren verliefd en kan hij de beeltenis van de Heilige Maagd niet meer loslaten. De rollen lijken omgekeerd. De jongere broer Andreas moet zijn oudere broer onder de vleugels nemen. Hoezeer hij ook zijn best doet om zijn broer te begrijpen, Andreas kan er kop noch staart aan krijgen. Niet alleen voor Andreas, maar ook voor de lezer is Joachim een vraagstuk.

De kwaliteit van Münstermanns roman schuilt in de subtiele intrige die de plot stuwt. Hij beschrijft niet alleen de grote afstand die tussen Joachim en de ‘gewone’ wereld staat, maar reikt tegelijkertijd ook verschillende mogelijke verklaringen aan zonder zich er verder over uit te spreken. Noch Münstermann, noch Andreas, noch de lezer, zal ooit met zekerheid kunnen zeggen wat Joachim nu net tot Joachim maakt. Je blijft op je honger zitten en moet simpelweg aanvaarden dat Joachim ‘anders’ is.

Met een stijl helder als bronwater brengt Münstermann schitterend in beeld hoe het moet zijn op te groeien met een broer die je niet kan voorspellen, laat staan doorgronden. Door te snoeien in de beschrijvingen en te wieden in de stijlbloempjes kan hij inzoomen op de interactie tussen twee broers. Zijn haast ambtelijke stijl ondersteunt de plot en houdt de vaak tragische lotgevallen van Joachim in evenwicht. Münstermann laat de balans slechts één keer doorslaan. Op het einde van het boek bespreekt hij – als sluitstuk van de roman – Joachims geboorte. In plaats van zijn gebruikelijke klare taal, haalt Münstermann elk woord door een vette marinade van clichés en banale verwoordingen. Wat de klap op de vuurpijl had moeten worden, eindigt in een sisser. Het einde doet de roman absoluut geen eer aan.

Met 'Ik kom je halen als het zomer is', bevestigt Münstermann zijn kunde. De roman is met de sterke en transparante pen geschreven die je van hem mag verwachten. Ook nu weer slaagt hij erin een reeks tragische momenten van de familie Klein te belichten zonder een flauwe ‘tearjerker’ - de geboorte-episode niet te na gesproken - af te leveren. 'Ik kom je halen als het zomer is', doet je verlangen naar de volgende Münstermann. En naar de volgende episode uit de geschiedenis van de familie Klein.

Details Fictie
Auteur: Hans Münstermann
Copyright afbeeldingen: Nieuw Amsterdam Uitgevers
Uitgever: Nieuw Amsterdam Uitgevers
Jaar:
2010
Aantal pagina's:
237