Hanna Bervoets, 'Welkom in het rijk der zieken'

De staties van aanvaarding

De Nederlandse schrijfster Hanna Bervoets is aan haar zevende roman toe. 'Welkom in het rijk der zieken' volgt Clay in zijn strijd tegen een onbekende ziekte, hoe hij zich door de samenleving beweegt waar hij eigenlijk geen deel meer van uitmaakt, en hoe hij in een parallelle wereld letterlijk zijn lichaam op sleeptouw neemt. Waar getuigenissen van de worsteling met zijn pijn ons naar de keel grijpen, kan de wat schematische avonturentocht door het rijk der zieken ons echter minder boeien.

Clay krijgt hoge koorts na een bezoek aan een kinderboerderij met zijn vriendin Nora. Hoewel hij de koorts overwint, weet Clay zijn chronische pijn en vermoeidheid maar niet van zich af te schudden. De aanvankelijk onbekende ziekte krijgt na verloop van tijd de naam Q-koortsvermoeidheidssyndroom (een echte killer bij Scrabble) en zet zijn sociale leven danig onder druk, inclusief zijn relatie met Nora.

Simultaan volgen we twee verhaallijnen. De realistische verhaallijn, in het 'rijk der gezonden', loopt achronologisch, net als bij een geheugen. We beleven de lijdensweg vanuit de tweede persoon enkelvoud, wat niet de verwachte afstand maar net een intieme inkijk in de geest van het hoofdpersonage oplevert. Als een moderne lijdende Christus sleept Clay, ziek maar genezen verklaard, zich van statie naar statie: diagnose, revalidatie, nachtschadedieet, fysiotherapie, bewustwordingsmodule – en, buiten de platgetreden paden, acupunctuur. Bervoets laat ons alles meevoelen: van de dagelijkse pijn (het lichaam als 'een kerstboom opgetuigd met knipperende pijntjes') tot zijn geleidelijke isolement. Aanvankelijk wordt de met fibromyalgie worstelende Marla zijn ziels- of alleszins ziekteverwant. Maar een relatie tussen twee chronisch zieke mensen blijkt extra broos.

De droomsequentie in het rijk der zieken is lineair en bestaat louter uit dialoog tussen een verdwaalde Clay en zijn gids Susan, bij wie de rol van Vergilius als gegoten zit. Hun queeste naar een graal die genezing heet, is best creatief maar ontbreekt toch aan enige overtuigingskracht. We krijgen een wereld voorgeschoteld die gestoeld is op de filosofie van Sontag, een puik idee, al blijven we bij de uitvoering op onze honger zitten. Clay klaagt steen en been om een karretje waarin hij zijn eigen lijf, een exacte kopie, moet vervoeren. Al gauw wordt zelfs dit metaforenlandschap dodelijk bureaucratisch. Net als in de echte wereld wordt Clay van het kastje naar de muur gestuurd. Dit trage en afmattende pad richting genezing is dus evenzeer bezaaid met vele teleurstellingen. Smook staat voor hoop en het Woud van Alternatief en Onbewezen voor de pseudo-wetenschap. Identiteken azen op onbewaakte zieke lijven en op Greenville oefenen de bewoners van bungalows de kunst van het aanvaarden. De graal is er geen, hier komt men tot inzicht.

De kracht van deze geslaagde roman zit dus vooral in de eerste verhaallijn. De virtuele wereld is eerder bijzaak, een metaforisch kader. De situaties die Clay zich herinnert, nodigen uit tot zelfreflectie. Wanneer zette de ziekte een rem op zijn sociale leven? Wanneer lag de sleutel bij hemzelf? Het geheel van deze aangrijpende psychologische dimensie en het gedurfde parallelle universum toont opnieuw waarom Bervoets bekend staat als een innovatief schrijfster. 'Welkom in het rijk der zieken' is een elegante roman, met een moeilijk onderwerp en zowel populaire als filosofische toetsen. Lichtvoetig en zwaarlijvig tegelijk weet het de juiste snaar te raken in de bewustmaking rond een thematiek die nog steeds met één voet in de taboesfeer vertoeft.