Gary Younge, 'Een doodgewone dag in Amerika'

Striemende aanklacht tegen het toenemende wapengebruik in de VS

Dagelijks sterven er in de VS gemiddeld tweeëndertig mensen ten gevolge van vuurwapens. Zeven van hen zijn jongeren, kinderen, tieners. En wat misschien nog het meest verontrustend is aan dit feit: haast nooit is dit voorpaginanieuws in de kranten. Veelal wordt hun dood ergens op de pagina’s met lokale nieuwsfeiten vermeld, weggemoffeld halverwege de krant. Indien er intentioneel geweld mee gemoeid gaat en de politie hulp nodig heeft in de zoektocht naar de dader, wordt het al eens op het lokale journaal gemeld. De gemiddelde Amerikaan is het dus blijkbaar gewoon geworden dat dood door vuurwapens een deel van het dagelijkse leven is.

Gary Younge, Brits journalist maar getrouwd met een Amerikaanse en vader van 2, woonde in Chicago en besliste dit gegeven verder te onderzoeken. Waarom wordt de dood van meer dan tweeduizend jongeren per jaar normaal geacht? Hoe gaan de nabestaanden er mee om? Wat is de rol van de National Riffle Association (N.R.I.) in deze? Wat eerst een journalsitieke uitdaging was, werd al snel ook een persoonlijke kwestie, toen zijn familie onder vuur werd genomen. Geen vergelding: ze waren gewoon (nu ja) op de verkeerde plaats op de verkeerde tijd.  De Younges zijn ondertussen naar de UK verhuisd.

Younge nam zomaar een dag, zijnde 23 november 2013 en spoorde de nabestaanden op van de 10 jongeren die die dag werden neergeschoten. Hij reconstrueerde hun leven en de omstandigheden waarin ze om het leven kwamen en zocht naar antwoorden.  Ze waren tussen de negen en negentien jaar, eentje was blank, de rest latino of (overwegend) zwart. Soms was het een kwestie van pech, soms ging er een voorgeschiedenis van bendegeweld aan vooraf. Maar allemaal zijn ze te vroeg gestorven zonder noemenswaardige reden.

Twee belangrijke zaken die opvallen in het boek: eerst en vooral is er de alomtegenwoordigheid van vuurwapens. Met een Europese bril is dit allicht niet te begrijpen, maar vuurwapens zijn in de VS een deel van de gangbare cultuur en ze zijn even gewoon en makkelijk bereikbaar als hamburgers, alcohol of brood. Niet onbelangrijk: bijna geen enkele nabestaande in het boek hekelt die beschikbaarheid. Zelfs wie zijn/haar kind heeft verloren aan wapens pleit (bijna) nooit voor wapenbeperking. De rol van de N.R.I. is in deze dan ook niet te onderschatten.

Een tweede bedenking: de rassenkwestie. Het zijn toch veelal zwarte kids die worden neergeschoten. Het zijn ook de zwarten die in de grote steden in de verwaarloosde achterbuurten wonen. Zij zijn het ook die twee, soms drie baantjes moeten houden om hun leven enigszins leefbaar te houden. Veel tijd om met hun kroost bezig te zijn is er dus niet. Het spreekt bijna voor zich dat voor de lokale, veelal blanke, politici die achtergestelde wijken geen prioriteit zijn. Het zijn vrijhavens voor bendegeweld, drugs en misbruik, zonder enige controle vanuit de overheid, regelrechte no go zones. Men kan stellen dat het grootste deel van de doden, zowel jongeren als volwassenen, te wijten is aan politieke onwil om dat deel van de bevolking te helpen.

Younge schreef een schokkende, eerlijke getuigenis over die 23ste november, zonder sensationalisme. Hij doet eer aan wie gevallen is en stelt vast. Hij geeft aan dat zijn boek geen aanklacht is tegen de N.R.I., maar kan tegelijkertijd alleen maar concluderen dat hun lobbywerk mee verantwoordelijk is voor de grote hoeveelheid doden door vuurwapengeweld. Na ‘Hillbilly blues’ van J.D. Vance is ook dit een belangrijk boek om de VS beter te begrijpen.

Details Non-fictie
Originele titel:
Another Day in the Death of America
Auteur: Gary Younge
Vertaald door: Reintje Ghoos, Jan Pieter van der Sterre
Uitgeverij: De Geus
Jaar:
2017
Aantal pagina's:
350