Erik Vlaminck, 'Suikerspin'

Suikerspin blijft plakken

Bij de opzoekingen voor zijn gesmaakte roman fleuve - waarvan in 2006 het zesde en voorlopig laatste deel verscheen- stootte Erik Vlaminck in het archief van Diest op een kort krantenknipseltje uit 1912 dat in zijn nieuwe boek ‘Suikerspin' opduikt: 'In het gasthuis in de Langestraat werd gisteren, ijlings en per stootkar, een zogenaamde Siamese tweeling binnengebracht waarvan één helft schielijk overleden was. De politie is met man en macht op zoek naar de kermiskramer die met het geval betrokken is.' Rond dit waargebeurde feit heeft de auteur een slim geconstrueerde en beklijvende roman geweven.

Centraal personage is de verbitterde Arthur Van Hooylandt, een kermiskramer op de dool met als voornaamste bezigheid zijn oude paardenmolen elke dag een rondje te laten draaien in een versleten hangar. Tragisch maar hilarisch is de manier waarop deze drop-out ondertussen tegen alles en iedereen fulmineert in een rechtuit taaltje dat doet denken aan de nonkels uit 'De helaasheid der dingen' van Dimitri Verhulst. Vlaminck schetst zijn personages zonder vernis: in al hun - ook kleine - kantjes, maar hij doseert streng (de hoofdstukjes beslaan meestal drie à zes bladzijden) en laat de lezer zelf de familiegeschiedenis van de Van Hooylandts reconstrueren.

De lezer wordt heen en weer geslingerd tussen sympathie voor de sukkelaars die sommige personages uiteindelijk zijn en afkeer van de cynische ingesteldheid bij enkele anderen. Arthur verenigt de twee in zich. Andere cruciale personages in het boek zijn Joséphine (een van de tweelingen) en de grootvader van Arthur: Jean-Baptist Van Hooylandt, een niet al te koosjere foorkramer die de Siamese tweeling op kermissen overal te lande tentoonstelde in zijn rariteitenkabinet. Pas op het einde van het boek blijkt welke belangrijke rol de tweeling uiteindelijk gespeeld heeft in de familiegeschiedenis van de Van Hooylandts.

Ondanks de enorme tijdsspanne die het boek beslaat, is ‘Suikerspin' een vlot verteerbare maar ook literair overtuigende roman geworden. Vlaminck zet niet alleen een aantal boeiende en in al hun gebrekkigheid ook geloofwaardige personages neer, aan de hand van hun gefragmenteerde familiegeschiedenis schetst hij en passant ook een beeld van meer dan een eeuw kermis in Vlaanderen. De fotografische stijl, het voortdurend wisselende vertelstandpunt en het bijzonder sappige taaltje van een aantal personages sméken daarbij haast om een verfilming.

Geen idee of dit het nieuwe 'Terug naar Oosterdonk' wordt, maar wij konden deze bitterzoete 'Suikerspin' alvast heel erg smaken.

Details Fictie
Auteur: Erik Vlaminck
Uitgever: Wereldbibliotheek
Jaar:
2008
Aantal pagina's:
268