Daan Heerma van Voss, 'Zonder tijd te verliezen'

Niets staat vast

Twee vrienden, Daniël en Xander, ruilen Amsterdam voor Perugia zodat ze hun toekomst een tijdje voor zich uit kunnen schuiven. Daan Heerma van Voss laat in 'Zonder tijd te verliezen' zien dat die vlucht vooruit de doemscenario's van weleer niet in de hand houdt. Subtiel maar daarom niet minder intens slaan deze zonder genade toe.

Op het kaft van Heerma van Voss' tweede roman zien twee jongelingen uit naar het land aan de overkantse oever, de handen ontspannen in de zij, het hoofd lichtjes achterover in de nek. Hun reikhalzende pose waadt in een wazig blauw. De roman is echter allesbehalve een verhaal van hoop en weerspiegelt dus in niets de idylle van de cover. Het verhaalbegin van een genietbare vriendschap verzandt in een grauwe bespiegeling over een leven waarvan iedere zin ontbreekt.

"We leiden nu andere levens". Beide vrienden zijn ervan overtuigd dat ze geslaagd zijn in hun opzet om hun leven tot de essentie ervan te herleiden. Heerma van Voss trekt die zoektocht consequent door tot in iedere dimensie van Daniëls leven. Onvermijdelijk leidt dat tot reflecties over ouders en de opvoeding waarvoor ze staan. "Generaties zijn veelal niet meer dan identieke schakels in een ketting zonder zichtbaar einde". Wanneer hij zijn vader opbelt, waant hij zich "in de vuurlinie, met één been op onbekend terrein, maar nog altijd begaan met de mensen thuis".

Hun vriendschap vervelt en maakt plaats voor liefde, eindige liefde waarvan het eindpunt de leegte inluidt. De contouren van die dubbele breuk zijn vaag, wellicht omdat de auteur bij voorkeur wil aantonen hoe Daniël zijn goed ontwikkelde mechanismen van zelfbehoud gebruikt om overeind te blijven. "Eenzaamheid moest bestudeerd worden, ik moest mijn lichaam eraan laten wennen, geduldig en gedisciplineerd. Ooit zou een tijd komen die mij vroeg gehard te zijn".

Heerma van Voss laat raak zien dat Daniël probeert om te gaan met die attitude van anticiperen die voor hem essentieel is. "Xander en ik trokken met elkaar op zoals dieren dat doen, simpelweg omdat met z'n tweeën minder gevaarlijk is dan alleen". Misschien is het die vergane symbiose die herleeft en Daniël ertoe aanzet om Xander te zoeken na diens onaangekondigde vertrek. Die tocht, voorbij het hernieuwen van de vriendschap, is bijna instinctief. Vergezeld van zijn ex-lief en Jan van Riebeeck, een hond voor alle duidelijkheid, waagt hij zich zo aan een reis in de reis.

Wat rest er van een mens eens herleid tot een individu, ontworteld en niet in staat tot sociale interactie? Daan Heerma van Voss toont zich in 'Zonder tijd te verliezen' bijzonder ambitieus door de contouren van een mogelijk antwoord af te tasten. In korte, heldere hoofdstukken geeft Heerma van Voss gestalte aan de rusteloosheid van Daniël en Xander. Niet dat die verwarring het lot van Daniël begunstigt, snelheid verdringt de leegte niet. De coherentie van het verhaal gaat hier en daar verloren in weinig urgente terzijdes, zoals de toer met Kasper of de begrafenis van Daniëls grootvader. Met zijn schets van een dwalende mens die weinig illusies koestert en nagenoeg uitsluitend denkt in termen van schadebeperking vindt Heerma van Voss aansluiting bij een rist hedendaagse auteurs.

Details Fictie
Auteur: Daan Heerma van Voss
Copyright afbeeldingen: Daan Heerma van Voss
Uitgever: Atlas
Jaar:
2012
Aantal pagina's:
297