Bert Moerman, 'Benny'

Meditaties over de betekenis van het leven

Nog geen goed jaar na zijn in de States gepende debuut ‘Niet dat het iets uitmaakt’ (Bronzen Uil publieksprijs 2018) ligt, veel sneller dan verwacht, opvolger ‘Benny’ in de winkels. Daarin beschrijft Moerman hoe een door zelfcontrole gedomineerde man, na een schijnbaar toevallige ontmoeting met een oude klasgenoot – hallo Benny! - zich geplaagd weet door toenemende onzekerheid en controleverlies.

Het geluk lacht Daniël toe. Een job met toenemende verantwoordelijkheden, een liefhebbende vrouw (Suzy) die hij elke avond de samenvatting van de dag voorschotelt en twee dotjes van kinderen (Sophie en Liza) die hij ’s avonds nog een verhaaltje voor het slapengaan voorleest. Een champagnekleurige SUV waar hij zielsveel van houdt, en als toetje een hobby in de vorm van een potje tennis met ogenschijnlijk gelijkgestemde vrienden. Het recept voor het opperste geluk, zeg maar.

Tot de zich immer in zijn nopjes voelende Daniel, bij schijnbaar toeval, in een bar Benny ontmoet. De loser van weleer, die destijds vooral opviel door zijn gebrek aan enig talent. “Stomme fucking Benny” slaagt erin om een vriendschapsband met Daniel te smeden. En zo, stilletjes maar zeker, valt Daniëls’ opperste geluk aan scherven om vervolgens de smerige rotzooi en lepe vuiligheid van het leven bloot te leggen. 'the junk that I have saved', zoals het citaat van Mark Linkous (Sparklehorse) stelt. Daniëls’ leven valt als een kaartenhuisje in elkaar.

Benny gaat over de bijrolletjes in het leven, stelt Moerman. De kleine schijnbare toevalligheden die soms heel essentieel kunnen worden. En vice-versa: essenties die afgedaan worden als betekenisloos. Niet dus, althans niet in deze roman die soms wat wegheeft van een clever in elkaar gestoken schaakspel waarbij driftig geslalomd wordt rond enkele volstrekt onverwachte wendingen.

Kenmerkend is Moermans' spontane, ongedwongen vertelstijl. Heel los, vrij en niet gespeend van enige tongue-in-cheek humor. In de met veel finesse gepende zinnen merk je ook een ritmische feel, waardoor deze roman onmiskenbaar vlot leest.

Toch vrezen we dat veel lezers zich hier gaan laten leiden door een helaas wat triviaal en weinigzeggend plot. Een oude bekende die na zesentwintig jaar uit het niets opduikt, een relatie/huwelijk dat door een handvol ontmoetingen stevig op springen komt te staan,  een dochter die middels een fascinatie met porno grenzen aftast binnen het familiale gebeuren, het zijn plotelementen die misschien net iets te veel voor de hand liggen om een boek echt interessant te kunnen (blijven) houden.

Jammer is ook hoe de personages die Moerman neerzet niet echt uitgediept worden, waardoor de inleving best bemoeilijkt wordt. Op een uitzondering misschien na: in de familieschets voelt de centrale figuur van Daniel eerst nog aan als sympathiek en geloofwaardig, maar naderhand blijkt hij een vileine rotzak met wiens opgehoopte frustraties (“ik ga godverdomme vissen!”) je hoedanook toch weet mee te leven.

Het fraai vormgegeven 'Benny' presenteert zich als een uitgesproken filmische en vaak amusante vertelling, waarbij via de maar aanhoudende opeenstapeling van onhoudbare situaties prima toegewerkt wordt naar een moment van bevrijding en catharsis. Toch heeft 'Benny' al bij al meer weg van een degelijk uitgewerkt filmscenario over vriendschap en familiale situaties en waarden dan van een eigenlijke roman. En dat het boek eerder te vinden is in de onafhankelijke boekhandel dan online, is slechts een extra aansporing om dit boek te pakken te krijgen.

Details Fictie
:
Jaar:
2019
Aantal pagina's:
234