Bart Van Loo, 'De Bourgondiërs'

Over schijnheilige en geile hertogen

Na zijn 'Frankrijktrilogie', plus alom geprezen titels als 'Chanson' en 'Napoleon', is Bart Van Loo (1973) niet meer uit de media weg te slaan. Als een handige praatvaar lukte het hem bovendien om dankzij 'De Wereld Draait Door' het grote publiek te veroveren. Met 'De Bourgondiërs', zijn nieuwste boek, oogst hij overal positieve kritieken en vliegen de sterretjes hem rond de oren.

Van Loo had geen beter moment kunnen kiezen om zijn boek in de markt te zetten. De jongste tijd is namelijk behoorlijk wat aandacht uitgegaan naar de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648), een periode van boedelscheiding die leidde tot wat nu Nederland en België is.

Van meet af aan laat de auteur er geen twijfel over bestaan dat 'De Bourgondiërs' geen saaie opsomming is van data, stroef geschreven biografieën van gekroonde hoofden en oorlogsverslagen.

Het tegendeel is waar. In een vlot geschreven Nederlands, gekruid met heel wat typisch Vlaamse uitdrukkingen, legt Van Loo haarfijn uit hoe groot de invloed van de hertogen in die tijd was op het politieke, sociaal-economische en artistieke leven in de toenmalige Zeventien Provinciën.

Een niet onbelangrijk gegeven hierbij is dat ruime aandacht uitgaat naar het artistieke leven. Zo wordt de voorgeschiedenis van het 'Lam Gods' - het meesterwerk van de gebroeders van Eyck - gedetailleerd belicht.

'Waarom toch zo'n gigantisch schilderij bestellen? Wilde Joos Vijd de herinnering aan de schanddaad van zijn vader uitwissen? Die had zich schaamteloos vergrepen aan de financiën van Filips de Stoute en werd in 1390 zonder pardon uit de hertogelijke administratie ontslagen.'

Waarna wordt aangestipt hoe goed de relatie was tussen Jan van Eyck en Filips de Goede die hem de nodige tijd gunde om het schilderij te voltooien.

Hoe hoog de schijn van een vroom en religieus leven ook werd opgehouden - er werden volop kerken en abdijen gebouwd - voor de Bourgondische heersers was huwelijkstrouw een uiterst rekbaar begrip. Vooral Filips de Goede had een flinke seksuele appetijt, dusdanig dat het aantal bastaards dat hij in de loop van zijn leven verwekte nauwelijks bij te houden viel.

Los van deze en andere al dan niet pikante anekdotes en voorvallen worden de oorlogen en het onrecht tegenover de onderdanen van Filips de Soute, Jan Zonder Vrees, Filips de Goede en Karel de Stoute in een juiste historische context geplaatst.

De grote verdienste van  'De Bourgondiërs' is dat Van Loo een behoorlijk genuanceerd beeld ophangt van de Nederlandse eenwording, waarbij zowel de zogenaamde edelmoedigheid van de hertogen als de onmondigheid van het plebs met verve worden beschreven.