A.L. Snijders, 'Ruim water'

De lezer is onwetend

Auteur A.L. Snijders vergaarde het voorbije decennium veel roem bij onze Noorderburen door zijn kundige reanimatie van het zeer korte verhaal of zkv, een genre waarvan de naam voor zich spreekt. De Nederlander liet voor het eerst van zich horen in de jaren tachtig, met een wekelijkse column voor het Parool. In 'Ruim water' zijn deze heerlijke teksten gebundeld, samen met de brieven die hij naar aanleiding van de columns verstuurde naar zijn toenmalige redacteurs of intimi.

Wie vertrouwd is met Snijders' zkv's weet dat hij zich met deze columns kan verwachten aan miniatuurtjes van het leven, lichtvoetig zonder ondubbelzinnig te zijn, met een nooit aflatende zoektocht naar zingeving. Hij is geen handelaar in waarheden, van hem kun je die niet verwachten. 'Je hoeft de werkelijkheid helemaal niet te kennen om hem heel precies te kunnen beschrijven.' De thema's die hij geduldig recupereert appelleren aan een verstild leven: zijn vertrouwelingen, de honden op het erf, de verraderlijke noordenwind. Anekdotes uit dat landelijke leven verdringen elkaar in het brein van de auteur, een herder-intellectueel wiens overpeinzingen raken aan de filosofie van het dagdagelijkse bestaan.

Vergis je niet, Snijders heeft geen boodschap aan mededogen, hij is geen halfzachte zenmeester. Hij predikt het anarcho-liberalisme en gaat graag en met milde woede tekeer tegen diegenen die er volgens hem compleet naast mikken. De demonen die hij bestrijdt, onder meer de kerk en het fascisme van het nazi-regime, zijn niet onbegrijpelijk als je Snijders' persoonlijke geschiedenis tegen het strijklicht houdt. Geboren in de jaren dertig stamt hij uit een tijdvak waarin de dreiging die uitging van deze instituties de vanzelfsprekendheid van het leven onderuithaalde.

Verhalen zijn de essentie van het leven, lijkt Snijders impliciet te oreren. De brieven die mee zijn opgenomen in de bundel getuigen daarvan. De waarde van die documenten is niet gering; zonder deze handleidingen, soms niet meer dan enkele losse gedachten over grammatica en kwesties die hem na aan het hart liggen, zijn de columns onherbergzaam en moeilijk te vatten. De meerwaarde ervan komt tot uiting wanneer de brieven achterwege worden gelaten, hetgeen vooral het geval is in de tweede helft van dit boek. De lezer verandert dan van gedaante en wordt een gisser. Wat hij leest is zijn eigen verhaal; dat van de schrijver gaat op in beeldende taal en vervelt van een tastbare gedaante.

Het is verleidelijk om deze columns een karakter toe te dichten dat de tijd zal overleven. Het staat vast dat zijn zkv's dichter tegen dat predicaat aanleunen. Wars van de emoties die hij opdist, permitteert Snijders het zich af en toe om zijn kop in het zand te steken. 'Het is goed dat ik in een rimpelloos tijdperk leef en niemand me om verantwoording vraagt.' Snijders is een aangename reisgezel, hij put uit een haast onuitputtelijke bron van verhalen. De verwondering die hij daaraan ontleent is zijn zuurstof, de katalysator van zijn schrijverschap en dus de kern van zijn bestaan. Hij schurkt zich aan tegen een poëzie van het alledaagse en houdt zo het verdriet op afstand.

Details Fictie
Auteur: A.L. Snijders
Uitgeverij: UItgeverij Thomas Rap
Jaar:
2012
Aantal pagina's:
287